Worstel jij ook zo met een woord als ‘cliënt’?

25 januari 2022
Loes den Dulk

Worstel jij ook zo met een woord als ‘cliënt’?

Welk woord gebruiken we om de groep aan te geven van mensen met een beperking die zorg ontvangen? Dat is zeker geen nieuwe vraag, ik hoor hem al zolang ik in de zorg werk. Maar een bevredigend antwoord heb ik nog niet gehoord in die tijd en zo af en toe loop ik weer tegen die vraag op. Zo kreeg ik vorige week van iemand een reactie op mijn gebruik van het woord ‘cliënt’. Hij vroeg mij om over te stappen naar het woord ‘bewoner’. Maar omdat mijn teksten ook gaan over mensen die ambulante zorg of dagbesteding krijgen, dekt de term de lading niet. Bij een bewoner gaat het natuurlijk alleen over de mensen die in zorginstellingen wonen. Trouwens, ‘bewoner’ is, als je er over nadenkt ook weer een vreemde term. 

 Met de termen die ik gebruik, wil ik natuurlijk niemand kwetsen. Dus blijf ik zoeken naar een term die niemand pijn doet maar wel duidelijk is, zonder dat politieke correctheid mijn doel is.

De termen die we gebruiken zijn sowieso aan slijtage onderhevig. Zo gebruikten we in een ver verleden de term ‘zwakzinnig’, en de termen ‘debiel’, ‘imbeciel’ en ‘idioot’. Die termen zijn verworden tot scheldwoorden en worden in de zorg niet meer gebruikt.

Van ‘iemand is gehandicapt’ naar ‘iemand heeft een handicap’. Om daarmee te laten zien dat iemand meer is dan zijn handicap. 

En van ‘handicap’ naar ‘beperking’ omdat veel mensen ook de term handicap als belediging ervaarden. Ik herinner me dat ik in de tijd van die verandering juist moeite had met de term beperking. In mijn beeld heeft iemand een handicap, een objectief aanwijsbaar gegeven. En die handicap geeft meer of minder beperkingen in het leven en het is aan de samenleving als geheel en zorgverleners in het bijzonder om samen met de cliënt die beperkingen een zo klein mogelijke rol in dat leven te geven. Dat was mijn beeld en daarom vond de overstap naar mensen met een beperking een lastige. Maar het was duidelijk dat de term de voorkeur genoot van betrokkenen. 

Ik herinner me een onderzoekje van een cliëntenraad in de eigen zorginstelling over wat cliënten zelf de prettigste term vonden. Maar zoveel mensen zoveel zinnen. Er kwam niet één term als prettigste bovendrijven.

Daarna is de term ‘mensen met mogelijkheden’ nog even in zwang geweest, maar daar heb ik me nooit in kunnen vinden. Het is een eufemisme en geldt voor iedereen en dus hebben we nog geen duidelijkheid over wie we het hebben. Die poging is naar mijn mening te politiek correct en daarmee niet eerlijk.

En we herkennen vast ook allemaal het verhaal van de begeleider die vraagt hoe de ander genoemd wil worden, cliënt of deelnemer of welke andere term ook, waarop de ander antwoordt: “Noem mij maar Piet, want zo heet ik”

Ik gebruik voor het omschrijven van de groep de term ‘mensen met een verstandelijke beperking of mensen met een beperking’. Dat is op dit moment volgens mij ook de meest correcte term.  

Maar wat mij aangaat is het nog ingewikkelder. Het gaat in de teksten die ik schrijf ook nog eens over de groep die zorg ontvangt, dus de gebruikers van zorg.

Dat zou de volgende omschrijving opleveren: ‘mensen met een verstandelijke beperking als gebruiker van zorg’. En natuurlijk geef ik die uitleg, maar verder gebruik ik de term ‘cliënt’. En ook de term ‘cliënt’ is niet fijn. Zeker niet als je teruggaat naar de oorspronkelijke betekenis van het woord. Een cliënt was een (half) slaaf of horige. 

Maar mijn overtuiging is dat de betekenis van het woord gewijzigd is en we dus het woord om de oorspronkelijke betekenis niet hoeven mijden.

Een mooi voorbeeld van net zo’n betekeniswijziging is het woord ‘notaris’. Ooit was de ‘notaris’ een slaaf die ‘nota nam’ (opschreef) wat zijn of haar eigenaar bezat. Het mag helder zijn dat de betekeniswijziging door de notarissen zelf, volledig geaccepteerd is.

En zo wijst de term ’cliënt’ voor mij op de gelijkwaardige relatie (of het streven daarnaar) tussen de zorgprofessional en gebruiker van zorg. Dat maakt het voor mij een passende term.   

Iedere term die je bedenkt stopt mensen in een hokje, geeft ze een label. Terwijl je juist het unieke en mooie van ieder mens zou willen laten zien. Maar tegelijkertijd is het nodig of op zijn minst heel handig om de specifieke groep te beschrijven. En in iedere zin praten over mensen met een verstandelijke beperking als gebruiker van zorg, maakt teksten onleesbaar. En politiek correct zijn is nu ook niet bepaald mijn streven maar mensen kwetsen wil ik natuurlijk wel heel graag voorkomen. 

Daarom, als iemand een betere term weet, houd ik me aanbevolen. Maar tot die tijd praat ik over cliënten waarmee ik de mensen met een verstandelijke beperking bedoel die zorg ontvangen van een zorginstelling. 

Misschien niet ideaal maar het maakt mijn teksten wel een stuk korter. 

Loes den Dulk

Worstel jij ook zo met een woord als ‘cliënt’?

Worstel jij ook zo met een woord als ‘cliënt’?

Welk woord gebruiken we om de groep aan te geven van mensen met een beperking die zorg ontvangen? Dat is zeker geen nieuwe vraag, ik hoor hem al zolang ik in de zorg werk. Maar een bevredigend antwoord heb ik nog niet gehoord in die tijd en zo af en toe loop ik weer tegen die vraag op. Zo kreeg ik vorige week van iemand een reactie op mijn gebruik van het woord ‘cliënt’. Hij vroeg mij om over te stappen naar het woord ‘bewoner’. Maar omdat mijn teksten ook gaan over mensen die ambulante zorg of dagbesteding krijgen, dekt de term de lading niet. Bij een bewoner gaat het natuurlijk alleen over de mensen die in zorginstellingen wonen. Trouwens, ‘bewoner’ is, als je er over nadenkt ook weer een vreemde term. 

 Met de termen die ik gebruik, wil ik natuurlijk niemand kwetsen. Dus blijf ik zoeken naar een term die niemand pijn doet maar wel duidelijk is, zonder dat politieke correctheid mijn doel is.

De termen die we gebruiken zijn sowieso aan slijtage onderhevig. Zo gebruikten we in een ver verleden de term ‘zwakzinnig’, en de termen ‘debiel’, ‘imbeciel’ en ‘idioot’. Die termen zijn verworden tot scheldwoorden en worden in de zorg niet meer gebruikt.

Van ‘iemand is gehandicapt’ naar ‘iemand heeft een handicap’. Om daarmee te laten zien dat iemand meer is dan zijn handicap. 

En van ‘handicap’ naar ‘beperking’ omdat veel mensen ook de term handicap als belediging ervaarden. Ik herinner me dat ik in de tijd van die verandering juist moeite had met de term beperking. In mijn beeld heeft iemand een handicap, een objectief aanwijsbaar gegeven. En die handicap geeft meer of minder beperkingen in het leven en het is aan de samenleving als geheel en zorgverleners in het bijzonder om samen met de cliënt die beperkingen een zo klein mogelijke rol in dat leven te geven. Dat was mijn beeld en daarom vond de overstap naar mensen met een beperking een lastige. Maar het was duidelijk dat de term de voorkeur genoot van betrokkenen. 

Ik herinner me een onderzoekje van een cliëntenraad in de eigen zorginstelling over wat cliënten zelf de prettigste term vonden. Maar zoveel mensen zoveel zinnen. Er kwam niet één term als prettigste bovendrijven.

Daarna is de term ‘mensen met mogelijkheden’ nog even in zwang geweest, maar daar heb ik me nooit in kunnen vinden. Het is een eufemisme en geldt voor iedereen en dus hebben we nog geen duidelijkheid over wie we het hebben. Die poging is naar mijn mening te politiek correct en daarmee niet eerlijk.

En we herkennen vast ook allemaal het verhaal van de begeleider die vraagt hoe de ander genoemd wil worden, cliënt of deelnemer of welke andere term ook, waarop de ander antwoordt: “Noem mij maar Piet, want zo heet ik”

Ik gebruik voor het omschrijven van de groep de term ‘mensen met een verstandelijke beperking of mensen met een beperking’. Dat is op dit moment volgens mij ook de meest correcte term.  

Maar wat mij aangaat is het nog ingewikkelder. Het gaat in de teksten die ik schrijf ook nog eens over de groep die zorg ontvangt, dus de gebruikers van zorg.

Dat zou de volgende omschrijving opleveren: ‘mensen met een verstandelijke beperking als gebruiker van zorg’. En natuurlijk geef ik die uitleg, maar verder gebruik ik de term ‘cliënt’. En ook de term ‘cliënt’ is niet fijn. Zeker niet als je teruggaat naar de oorspronkelijke betekenis van het woord. Een cliënt was een (half) slaaf of horige. 

Maar mijn overtuiging is dat de betekenis van het woord gewijzigd is en we dus het woord om de oorspronkelijke betekenis niet hoeven mijden.

Een mooi voorbeeld van net zo’n betekeniswijziging is het woord ‘notaris’. Ooit was de ‘notaris’ een slaaf die ‘nota nam’ (opschreef) wat zijn of haar eigenaar bezat. Het mag helder zijn dat de betekeniswijziging door de notarissen zelf, volledig geaccepteerd is.

En zo wijst de term ’cliënt’ voor mij op de gelijkwaardige relatie (of het streven daarnaar) tussen de zorgprofessional en gebruiker van zorg. Dat maakt het voor mij een passende term.   

Iedere term die je bedenkt stopt mensen in een hokje, geeft ze een label. Terwijl je juist het unieke en mooie van ieder mens zou willen laten zien. Maar tegelijkertijd is het nodig of op zijn minst heel handig om de specifieke groep te beschrijven. En in iedere zin praten over mensen met een verstandelijke beperking als gebruiker van zorg, maakt teksten onleesbaar. En politiek correct zijn is nu ook niet bepaald mijn streven maar mensen kwetsen wil ik natuurlijk wel heel graag voorkomen. 

Daarom, als iemand een betere term weet, houd ik me aanbevolen. Maar tot die tijd praat ik over cliënten waarmee ik de mensen met een verstandelijke beperking bedoel die zorg ontvangen van een zorginstelling. 

Misschien niet ideaal maar het maakt mijn teksten wel een stuk korter. 

Loes den Dulk

missie

Raad op Maat werkt voor en met iedereen die betrokken is bij zeggenschap en rechten van mensen met een beperking. Zo maken we cliënten sterker en bouwen we mee aan zorginstellingen waar cliënten echt tot hun recht komen. De stem van cliënten klinkt door in alles wat we doen.
closearrow-circle-o-downmap-markerenvelopemobileellipsis-v linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram